About Report a problem

Menu

παραλλάττω

παρ-αλλάττω, Ion. παραλλάσσω
1.  met acc.
a.  verwisselen: οὐ παραλλάττουσι τῶν αἰσθήσεων τὰ σημεῖα zij verwisselen de indrukken van hun waarnemingen niet Plat. Tht. 194d; laten overlappen: π. τὰς ἀρχάς de uiteinden (van een verband) laten overlappen Hp. Fract. 29; pass.: τοῦ ὀστέου τὸ ἄνω παραλλαγμένον het bovenste deel van het bot dat over het andere deel heengeschoven is Hp. Fract. 31.
b.  veranderen, slechter maken: παραλλάσσει φρένας χρηστάς (geld) verandert het gezonde verstand Soph. Ant. 298; ptc. perf. pass. παρηλλαγμένος anders, vreemd, afwijkend: καταστὰς ἴδιόν τινα καὶ παρηλλαγμένον τρόπον een specifiek en vreemd gedrag vertonend Plut. Them. 24.3.
c.  voorbij ... gaan, passeren: π. τὴν ἐνέδραν de hinderlaag passeren Xen. Hell. 5.1.12; van tijd: τὴν παιδικὴν ἡλικίαν παραλλάσσων toen hij zijn jeugdige jaren voorbij was Plut. Alc. 7.1.

2.  met gen.
a.  verschillen (van): ὅσα παραλλάττει τῶν πολλῶν … δικαίων alles wat verschilt van de doorsneeregels van rechtvaardigheid Plat. Lg. 957b; abs.: ἡ χρεία ... παραλλάττει μικρόν de gebruikswaarde verschilt weinig Aristot. Pol. 1254b24; onpers.: οὐ σμικρὸν παραλλάττει οὕτως ἔχον ἢ ἄλλως het is geen gering verschil of het zus is of zo Plat. Tht. 169.
b.  afwijken (van), missen: π. τοῦ σκοποῦ langs het doel gaan Plat. Tht. 194a.

3.  intrans.
a.  elkaar afwisselen, langs elkaar lopen: (κόλπους) ὀλίγον δέ τι παραλλάσσοντας τῆς χώρης (zeearmen) die langs elkaar lopen met slechts een beetje land ertussen Hdt. 2.11.3.
b.  afwijken, uitwijken: π. διὰ χερῶν tussen de vingers door glippen Aeschl. Ag. 424; met εἰς + acc.: παρήλλαττεν εἰς μοναρχίαν ἐπαχθῆ stapte over op een gehate alleenheerschappij Plut. Rom. 26.1; afwijkend zijn, vreemd zijn: λόγοι παραλλάσσοντες ἔξεδροι φρενῶν vreemde woorden die niet meer zetelen in het verstand Eur. Hipp. 935.

Saved

Recent